DE VORM VAN HET ATOMIUM


Het Atomium beeldt de structuur van een ijzerkristal uit, 165 miljard keer vergroot, en heeft de vorm van een kubus die op een van zijn punten staat. Waarom en hoe heeft het Atomium deze vorm?

Elke Wereldtentoonstelling heeft een thema en een centraal gebouw. Die eer was tijdens deze editie weggelegd voor de wetenschap. Men was er echt van overtuigd dat men zich dankzij de wetenschappelijke vooruitgang binnenkort zou verplaatsen met raketten in de plaats van auto’s, iedereen zou thuis een robot hebben om het huishouden te doen, we zouden ook nooit meer ziek worden en we konden leven in de ruimte ... 

In tegenstelling tot vandaag was iedereen er in 1958 stellig van overtuigd dat de wetenschap al onze problemen zou oplossen en ons leven zou verbeteren. Voor Expo 58: we moeten dus een manier vinden om het atoom en de toepassingen ervan te vergroten door middel van een uitzonderlijk paviljoen.

Een eerste project dat door Gustave Magnel, een betonspecialist aan de Universiteit Gent, werd ingediend, voorzag in een meer dan 500 meter hoge toren van voorgespannen beton. Het project werd evenwel opgegeven vanwege de nabijheid van de luchthaven van Brussel en het overlijden van zijn  initiatiefnemer.

In 1954 nam Baron Moens de Fernig, algemeen commissaris van het evenement, contact op met verschillende Belgische groepen uit de metaalindustrie, een domein waarin België excelleerde, om een structuur op te zetten die het hoge niveau van de Belgische industriële vaardigheden moest aantonen.  Ingenieur-architect André Waterkeyn, op dat moment hoofd van de Economische Dienst van Fabrimétal (Federatie van de ondernemingen der metaalwerkende nijverheid), kreeg de verantwoordelijkheid om het project uit te werken.

Zijn eerste voorstel was een 231 meter hoge toren. Hij heeft een lichtgewicht metalen structuur die zich aan de bovenkant verwijdt. Dit project, dat duidelijke gelijkenissen vertoont met de Eiffeltoren, werd vanwege het gebrek aan originaliteit afgewezen door de sponsors. 


Waterkeyn merkte toen op dat in de natuur de ijzeratomen zich organiseren in een regelmatige kubusstructuur die men vlot op schaal van een gebouw zou kunnen nabootsen. Hij maakte dus een elementair ijzerkristal (9 ijzeratomen), 165 miljard keer vergroot, die we nu kennen in de vorm van een kubus met 9 atomen op elke hoek, onderling verbonden door 20 buizen en ondersteund door 3 grote pijlers.

Zo ontstond het Atomium met zijn unieke vorm.

Het Atomium volgde de tijdgeest met name door de versmelting van het metaal en het atoom, waarvan de civiele toepassingen almaar toenamen. Maar de bevolking was nog steeds geschokt door het gebruik van atoombommen op Japan in 1945. In de context van de Koude Oorlog en de wapenwedloop tussen de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie moest zij gerustgesteld worden over het vreedzame gebruik van het atoom. André Waterkeyn had in zijn project didactische presentaties voorzien over de voordelen van dit gedomesticeerde atoom, waarbij de bezoekers werden ontvangen met de slogan Atoom: hoop.